Oorlogsverhaal van mijn beppe in het Fries

4 mei dodenherdenking
Mijn in september 2006 overleden beppe heeft de oorlog bewust meegemaakt. 
Ondanks dat ze redelijk ver van de bewoonde wereld woonden maakten ook zij genoeg mee. 
Helaas kan ze het me niet meer vertellen…
Maar heb ik wel ervaren hoe spannend het moet zijn geweest door middel van de verhalen in o.a. haar dagboeken.
Ook liet ze onderstaand verhaal achter, wat ook al eens in de krant heeft gestaan.

 
 RAZZIA

 ’t Wie op in sneontemiddei
’t Iten wie heal dien,
Dat ik tsjin myn man sei:
Sjoch, dêr komt mannich ien.
O!, wat sille wy no ha
Dy komme hjir op úses ta.

Wat is der oan de hân
Wat is der oan de hân.

 Meie wy hjir wol even bliuwe
Sa frege men doe ús
’t Is dêr yn de Tynje
Foar ús no net mear plús.
De Griene Mannen sykje oeral
En sjitte en tsiere, sy binne dol.

Wy binne o sa bang
Wy binne o sa bang.

 Mei eangst en noed yn ’t herte
Sa sieten wy doe by inoar
Wy woene wol graach witte:
Wat foel dêr yn de Tynje foar
Doe ynienens, der knalde in skot
Wa trof no dit freeslik lot

Wa wie der no kapot
Wa wie der no kapot?

 Nei in hiel skoft wachtsjen
Doe bea ik harren oan
Om der is te sjen dêr yn de Tynje
En wa ’t dêr wie no stoarn?
De mantel oer de âlde klean
Op redens soe ‘k mar hinne gean

Dan koe ‘k moai binnen troch
Dan koe ‘k moai binnen troch.

 Mei banges yn it herte
Sa ried ik op de Tynje ta
’t Wie allegearre lyke stil dêr
‘k Woe it sa net ha
Mar doe ’t ik ûnder de brêge troch gyng
Doe hearde ik dochs san rottelding
En seach doe noch ris achter om

En draaide my fuort wer om
En draaide my fuort wer om.

 Dêr riedt in oerfalwein hinne
Ik die of wie it mar gewoan
De iene lei syn gewear doe
Yn oanslach op my oan
Mar ik lyke grif net sa kwea
In frouminske mei in kante lea

Sy lieten my doe gean
Sy lieten my doe gean.

 Mar nei noch in eintsje riden
Dêr lei in man foaroer
Ik seach mar wat fan siden
En wie der fan oerstjoer
‘k Ried mei faasje nei ’t ein
Mar ik wie doe hielendal ferslein
Fan wat ik sjoen hie yn de snie

Ik wist net wa of ’t wie
Ik wist net wa of ’t wie.

 

De razzia fan 29 desimber 1944, wêrby Eeltje Pieter de Vries it libben litten hat, wie foar mefrou Gepke Berga-Akkerman in behoefte, mei dit gedicht har emoosjes en gefoelens ôf te réagearjen. Hja wenne yn dy tiid as boerinne op in pleats tusken de Tynje en Terwispel oan de feart it Moerdjip.

Troch it folgjen fan in winterleargong fan “De Stichting Volwasseneneducatie Noord-West en Mid Friesland” is dit ûnderwerp oan de oarder kommen en it gedicht wer boppe wetter.

 

Grou, 30 maart 1993

Mittelbau Dora

2014-08-02

Naar Mittelbau Dora

Het is weer stralend mooi weer!
Na een bakje koffie, zijn we om 9:35 uur klaar voor vertrek, het is 21 graden.
Om 11:17 uur houden we even pauze op dezelfde plek als vorige keer, want het is een behoorlijk lange reis.
Inmiddels is de temperatuur gestegen naar 25 graden.
Om 12:00 uur zijn we er, inmiddels is het al 28 graden!

Als we het kamp Mittelbau Dora binnenrijden maken we alvast hier en daar wat foto’s.
Eerst lopen we naar het bezoekerscentrum, om ons aan te melden voor de rondleiding, maar dit blijkt niet nodig.
Wel vertelt de man dat het in de tunnels slechts 8 graden is en het slim is om een jas of iets dergelijks mee te nemen.
We lopen terug richting auto, eten eerst op een bankje nog maar een broodje, halen dan de jassen en lopen terug naar het bezoekerscentrum.
Nog even naar de wc en dan begint het wachten tot de gids komt.

De gids vertelt een heel verhaal waar ik lang niet alles van snap en we staan er lang, lopen dan eerst richting kamp, weer een lang verhaal.
Ik hoop dat ik dit vol ga houden. Al dat staan is funest, maar ik denk maar aan de mensen die het hier veel zwaarder hebben gehad…
Dan lopen we uiteindelijk toch eindelijk naar de tunnels, die we om 14:14 betreden. Stolleneingang B.
De kou komt je al bij de deur tegemoet.
Bizar dat hier zoveel mensen moesten werken in erbarmelijke omstandigheden en voor de barakken gebouwd werden hier altijd moesten verblijven.
Met een temperatuur van altijd 8º C, zowel in de zomer als in de winter en een luchtvochtigheid van 80%.
En dat met een levensverwachting van hooguit 4 tot 8 weken en ze dus vaak hier de dood vonden.

Het is een grote puinhoop, omdat de boel opgeblazen is.
Indrukwekkend om hier te zijn en de kou te voelen die de mensen hebben gevoeld, terwijl ik een jas aan kon trekken…
Het idee dat het niet uitmaakte hoe lang ze leefden omdat er toch wel weer “nieuwe voorraad” vanuit o.a.Auschwitz of Buchenwald kwam en er vaak meer kwamen dan er dood gingen.
Eenmaal weer buiten komt de benauwde warmte ons tegemoet en besef ik goed hoe fijn het is om vrij te zijn…

We gaan eerst naar de auto om wat te drinken en een broodje te eten.
Dan beginnen we aan de wandeling over het terrein.
Ook hier staat nog een crematorium, dit crematorium maakt diepe indruk, net als in Buchenwald.
Je “voelt” ook hier de dood hangen en je kunt niet anders dan zwijgzaam en gruwelend er doorheen lopen.
De “gevangenis” binnen deze gevangenis met in de hoek een ommuurd hoekje waar ze mensen ophingen of fusilleerden maakt ook diepe indruk.

Voor de rest is er niet veel bewaard gebleven, de meeste dingen zijn nagebouwd.
Weer terug bij de auto blijkt dat we minstens 6 km gelopen moeten hebben, omdat in de tunnels waarschijnlijk niets opgenomen is!
Een topprestatie voor mij.
 
Onderweg naar huis flitst het al een paar keer en bijna thuis vallen de eerste druppels.
Om 19:32 uur zijn we thuis, inmiddels 19 graden. De temperatuurverschillen zijn groot vandaag.
We zijn uitgenodigd bij Kerstin en Uwe voor een barbeque, de buren zitten er ook met hun baby van 9 maanden.
Erg gezellig ondanks dat het niet altijd meeviel in het duits te praten.
 
23:00 uur, ik val om, bekaf! Wát een indrukwekkende dag!
En dan te bedenken dat er nog altijd zoveel leed in de wereld is en dit afslachten van mensen nog altijd gebeurd.
De mensheid heeft niet veel geleerd…
Voor wie geïnteresseerd is klik vooral even op de linkjes in de tekst, hier is nog heel veel meer te lezen.

Gedenkstätte Buchenwald

 

2014-07-31

Vandaag gaat de reis naar Weimar, naar Gedenkstätte Buchenwald.
Nooit geweten dat er ook nog vele andere, meer onbekende werkkampen waren.
Als we er zijn parkeren we de auto, kopen een boekje in het Nederlands en we kunnen redelijk snel aansluiten bij een gids, wat in eerste instantie handig lijkt. 
Maar ze praat zó vreselijk snel, dat ik het niet allemaal kan volgen en het duurt bovendien erg lang, wat voor mij lang stilstaan betekent.
Na 2 plekken luisteren, besluiten we zelf verder te gaan aan de hand van het boekje.
Zo gaat het ook en kunnen we zelf beslissen wanneer we stoppen, als het lopen me teveel word.

Maar er is zoveel te zien en lezen en om je over te verbazen, dat je als het ware alles wilt weten, wat natuurlijk niet lukt.
Gebouwen die nagebouwd zijn aan de hand van de verhalen van overlevenden, gebouwen die overgebleven zijn, sommige met een compleet museum erin.
We lezen bordjes met foto’s, de stenen, wát een verdriet en ellende heeft hier geheerst en uit de vele steentjes die door joden op de grote stenen zijn gelegd, blijkt dat ze nog altijd worden herdacht. 
Hier en daar liggen bloemen.
Het maakt allemaal diepe indruk op me. Vooral de “voorwerpen” spreken tot de verbeelding, zoals schoenen, servies, knopen, kammen en meer van dat soort dingen die pas veel later zijn opgegraven.

Het meest indrukwekkend is het crematorium, grote ovens en vooral de kelder eronder, waar zelfs nog vele mensen zijn opgehangen aan de haken in de muren, voordat ze in de ovens terecht kwamen. 
Gruwelijke taferelen moeten zich hier hebben afgespeeld..
Als de muren, stenen en bomen en gebouwen eens konden praten…
Je “voelt” de angst hier bijna en de dood hangt als het ware om je heen, waardoor ik geen woord meer uit kan brengen… Dit mag nooit vergeten worden…
Als we het meeste bekeken hebben gaan we op een bankje in de schaduw een broodje eten en wat drinken en de boel een beetje laten bezinken.
Het is erg heftig.
Als er een klein meisje langsloopt moet ik denken aan de kleine schoentjes die ik gezien heb, brr… je moet er niet te hard over nadenken wat hier allemaal is gebeurd.
En dan is dit nog maar één van die gruwelijke plaatsen.

We lopen nog een eindje op zoek naar iets wat we nog niet gezien hebben, maar we besluiten het verder met de auto te doen, we hebben al 4,74 km gelopen, voor mij meer dan genoeg voor vandaag.
Ik ga niet meer mee naar de Memorial toren.
Een dag vol indrukken en een heel groot besef hoe rijk we zijn om in vrijheid te mogen leven!